Mijn belangrijkste lessen kwamen niet uit studieboeken
Waarom darmherstel niet begint in de darm
Veel mensen die mijn praktijk bezoeken hebben al een lange zoektocht achter de rug. Ze hebben onderzoeken ondergaan, verschillende diëten geprobeerd, supplementen gebruikt, boeken gelezen en vaak meerdere zorgverleners bezocht. Soms zijn er afwijkingen gevonden, soms ook niet. Maar vrijwel altijd vertellen zij hetzelfde verhaal: de klachten blijven terugkomen.

Dat geldt niet alleen voor darmklachten, maar ook voor vermoeidheid, hormonale klachten, auto-immuunziekten, huidproblemen, chronische ontstekingen en talloze andere gezondheidsproblemen die zich niet eenvoudig laten vangen in één diagnose.
Juist door mijn eigen geschiedenis ben ik steeds nieuwsgieriger geworden naar de vraag waarom dat gebeurt.
Want ook ik heb jarenlang geworsteld met darmklachten. Ook ik heb ervaren hoe het voelt wanneer je lichaam signalen blijft geven terwijl niemand precies lijkt te begrijpen waar die vandaan komen. En ook ik heb ontdekt dat de darm vaak niet het beginpunt van het verhaal is, maar eerder de plek waar het verhaal zichtbaar wordt.
De onderstroom onder de klacht
In de geneeskunde zijn we gewend om te kijken naar wat zichtbaar is. Ontstekingen, afwijkende laboratoriumwaarden, darmflora, voedselreacties, tekorten, hormonale verstoringen of infecties. Dat zijn allemaal belangrijke puzzelstukken en ik besteed daar in mijn praktijk veel aandacht aan.
Maar gaandeweg ben ik gaan zien dat er vaak nog een andere laag bestaat. Een laag die niet zichtbaar wordt op een bloeduitslag, ontlastingstest of scan.
Wanneer ik patiënten vraag naar hun levensverhaal, blijkt regelmatig dat er periodes zijn geweest waarin zij langdurig hebben moeten aanpassen, zorgen, presteren of simpelweg overleven. Soms zijn er duidelijke traumatische gebeurtenissen geweest, maar veel vaker gaat het om iets subtielers. Een jeugd waarin iemand zich niet echt gezien voelde. Altijd sterk moeten zijn. Moeite hebben gehad om grenzen aan te geven. Altijd verantwoordelijkheid dragen voor anderen.
Ik noem dat vaak de krasjes op de plaat.
Geen grote dramatische gebeurtenissen, maar ervaringen die zich langzaam in het zenuwstelsel hebben vastgezet. Het bijzondere is dat het lichaam die ervaringen vaak veel langer onthoudt dan wij zelf.
Mijn belangrijkste lessen kwamen niet uit studieboeken
Mijn loopbaan begon in de tandheelkunde. Daar heb ik mijn wetenschappelijke opleiding gevolgd en heb ik geleerd kritisch te denken, onderzoek te beoordelen en gezondheidsproblemen vanuit een medische invalshoek te benaderen. Vijftien jaar heb ik met veel plezier als tandarts gewerkt.
Toch liep mijn eigen gezondheid gaandeweg vast.
Ik kreeg te maken met ernstige vermoeidheidsklachten die uiteindelijk werden benoemd als ME/CVS. Daarnaast speelde er een voorgeschiedenis van darmklachten en andere signalen van een lichaam dat steeds nadrukkelijker om aandacht vroeg. Achteraf gezien waren dat geen losse klachten, maar boodschappen van een lichaam dat al veel langer probeerde duidelijk te maken dat er iets diepers speelde.
Door mijn eigen ziekte kon ik uiteindelijk niet meer fulltime aan de stoel werken. Destijds voelde dat als verlies. Achteraf zie ik dat het ook een uitnodiging was om verder te kijken dan de grenzen van mijn oorspronkelijke vakgebied.
Wat begon als een zoektocht naar mijn eigen gezondheid, groeide uit tot een levenslange fascinatie voor de vraag waarom mensen ziek worden en, misschien nog belangrijker, waarom sommige mensen herstellen terwijl anderen blijven vastlopen.
Inmiddels houd ik mij al meer dan vijfentwintig jaar bezig met leefstijlgeneeskunde, orthomoleculaire geneeskunde, darmgezondheid, voeding, chronische ontsteking, mondgezondheid, het microbioom en de invloed van het zenuwstelsel op gezondheid. Niet omdat ik de wetenschap achter mij wilde laten, maar juist omdat ik voelde dat er een groter geheel bestond dat aandacht verdiende.
Langzaam begon ik te begrijpen dat veel chronische klachten niet los gezien kunnen worden van het verhaal van de mens zelf.
Een darm kan niet genezen in een lichaam dat voortdurend op scherp staat
In de afgelopen jaren heb ik honderden patiënten gezien met darmproblemen, vermoeidheid, auto-immuunziekten, hormonale klachten en chronische ontstekingen. Natuurlijk spelen voeding, het microbioom, infecties, tekorten en leefstijl daarin een belangrijke rol.
Maar wat mij steeds opnieuw opvalt, is dat veel mensen leven met een zenuwstelsel dat nooit werkelijk tot rust komt.
Ze staan altijd aan. Ze voelen voortdurend verantwoordelijkheid. Ze hebben moeite met ontspannen. Ze zijn alert, waakzaam en gericht op de behoeften van anderen. Van buiten lijken ze vaak sterk en succesvol. Van binnen zijn ze soms al jarenlang aan het overleven.
Dat herken ik ook uit mijn eigen leven.
Ik heb zelf twee burn-outs doorgemaakt. Tegenwoordig kijk ik daar anders naar dan vroeger. Destijds voelde het als falen. Nu zie ik het als momenten waarop mijn lichaam mij dwong stil te staan en te luisteren naar wat ik jarenlang had genegeerd.
Juist daar heb ik geleerd dat herstel niet alleen gaat over het oplossen van symptomen. Het gaat ook over het creëren van veiligheid. Over aanwezig kunnen zijn in jezelf. Over leren voelen wat je lichaam al die tijd heeft geprobeerd duidelijk te maken.
Wanneer een zenuwstelsel voortdurend signalen van dreiging ervaart, heeft dat gevolgen voor vrijwel ieder systeem in het lichaam. De darmdoorbloeding verandert, de spijsvertering vertraagt, het immuunsysteem raakt ontregeld en het microbioom verandert mee.
Daarom geloof ik dat duurzame darmgezondheid niet alleen ontstaat door de juiste bacteriën toe te voegen of voedingsmiddelen weg te laten. Die interventies kunnen belangrijk zijn, maar vormen slechts een deel van het verhaal.
Werkelijk herstel vraagt ook om het herstellen van veiligheid.
Dat geldt niet alleen voor de patiënt, maar ook voor de behandelaar
Misschien is dit wel één van de belangrijkste inzichten die ik de afgelopen jaren heb opgedaan.
Ik kan een patiënt alleen begeleiden naar meer rust wanneer ik zelf die rust belichaam.
Dat klinkt eenvoudig, maar in de praktijk vraagt het veel. Al meer dan dertig jaar ben ik bezig met persoonlijke ontwikkeling, zelfreflectie en bewustwording. Niet omdat ik denk dat ik ooit klaar ben, maar omdat ik heb geleerd dat goede zorg begint bij de kwaliteit van aanwezigheid van de zorgverlener.
Voordat ik een patiënt werkelijk kan zien, moet ik zelf aanwezig zijn.
Misschien is dat ook de reden waarom ik bewust gekozen heb voor een andere manier van werken. Ik wil niet twintig patiënten op een dag zien. Ik wil niet voortdurend op de klok kijken. Ik wil de ruimte hebben om echt te luisteren. Niet alleen naar de klacht, maar naar de mens achter de klacht. Niet alleen naar de uitslagen, maar naar het verhaal dat daarbij hoort.

Veel mensen die mijn praktijk bezoeken zeggen achteraf dat ze zich voor het eerst echt gehoord voelen. Niet omdat ik een wondermiddel heb, maar omdat er tijd is. Tijd om samen te onderzoeken wat het lichaam probeert te vertellen.
De toekomst van geneeskunde vraagt om meer dan wetenschap alleen
Laat ik helder zijn: ik geloof in wetenschap. Mijn wetenschappelijke achtergrond vormt nog steeds een belangrijk fundament van mijn werk. Ik ben dankbaar voor alles wat ik tijdens mijn opleiding en in de jaren daarna heb geleerd.
Maar ik geloof ook dat de mens groter is dan wat we kunnen meten.
Veiligheid kun je niet altijd meten. Verbinding kun je niet altijd meten. Hoop, vertrouwen, zingeving en de kwaliteit van een therapeutische relatie zijn moeilijk te vangen in cijfers. Toch zie ik dagelijks hoeveel invloed deze factoren hebben op herstel.
Misschien ligt de toekomst van de geneeskunde daarom niet in de keuze tussen regulier of complementair. Niet in de keuze tussen wetenschap of ervaring. Maar juist in het vermogen om beide werelden met elkaar te verbinden.
Vandaag de dag voel ik mij bevoorrecht dat ik precies dat mag doen. Enerzijds de wetenschappelijke basis die ik als tandarts heb meegekregen, met alle kennis over fysiologie, pathologie en evidence-based werken. Anderzijds de inzichten die ik in de afgelopen decennia heb opgedaan op het gebied van leefstijl, voeding, darmgezondheid, mondgezondheid, het zenuwstelsel en persoonlijke ontwikkeling.
Want uiteindelijk behandel ik geen darm.
Ik behandel geen laboratoriumwaarde.
Ik behandel geen diagnose.
Ik ontmoet een mens.
Een mens met een verhaal, een geschiedenis, een zenuwstelsel, een lichaam dat zich probeert aan te passen en een enorme capaciteit om te herstellen wanneer de juiste omstandigheden ontstaan.
En misschien begint echte genezing wel precies daar: op het moment dat iemand zich eindelijk gezien, gehoord en veilig voelt.
