Orthomoleculaire geneeskunde

De Orthomoleculaire geneeskunde maakt op het moment een enorme ontwikkeling door. Dit komt omdat er de laatste jaren in een hoog tempo steeds meer wetenschappelijk bewijs komt voor deze geneeskunde.

De term orthomoleculaire geneeskunde is voor het eerst gepubliceerd in 1965 in het wetenschappelijke tijdschrift Science, door Linus Pauling, tweevoudig Nobel-prijswinnaar (voor de chemie en voor de vrede). Het woord orthomoleculair komt van orthos (=Grieks voor goed, of juist) en moleculen (de bouwstenen van ons lichaam).

In de orthomoleculaire geneeskunde probeer je het lichaam van iemand te voorzien van een juiste en optimale hoeveelheid van alle natuurlijke stoffen. Dit zijn allemaal puur lichaamseigen stoffen, die door het lichaam worden benut om biologische processen te reguleren, de lichamelijke weerstand te onderhouden en versterken, de ontgifting te bevorderen, enzovoort.

Aandacht voor voeding
Een orthomoleculair arts zal in eerste instantie aandacht schenken aan de voeding, de keuzen daarin en de juiste kwaliteiten van die voeding. Vervolgens is de juiste bereiding van belang en ook hoe het wordt gegeten (goed kauwen, niet wegspoelen met drinken, niet gehaast eten, etc.). Verder is de opname van belang. Als je tien mensen dezelfde maaltijd laat eten, zullen de concentraties van bepaalde stoffen in die maaltijd toch verschillen in het bloed van deze personen. De ene mens neemt nu eenmaal makkelijker bepaalde stoffen op dan de ander en bepaalde stoffen juist minder goed dan een ander. Er is sprake van een zogenaamde biochemische individualiteit, ieder mens verschilt en er is een verschil tussen inname en opname van voedingsstoffen.

In de orthomoleculaire geneeskunde speelt gezonde voeding dus een zeer belangrijke rol. Naast die gezonde voeding worden vaak gericht op een bepaalde klacht of aanleg die iemand heeft, extra voedingsstoffen gegeven, in de vorm van een dieet of als voedingssupplementen (pillen, capsules, tabletten).

Voedingssupplementen nodig?
Veel mensen vinden het onnatuurlijk om voedingssupplementen te slikken. Dat is het ook. Maar we leven ook onnatuurlijk. We eten ongezond en meestal niet biologisch. Werken (te ) hard en hebben veel stress. Bovendien is ons milieu vervuild (uitlaatgassen, plastics) en heeft ons lichaam het zwaar om al die toxische belasting netjes te ontgfiten.
Vaak zien we dat iemand vaak pas naar een dokter gaat als hij of zij ziek is. Terwijl preventie zo belangrijk is en zoveel ziekten kan voorkomen. Door regelmatig te werken aan je gezondheid kun je ook echt gezonder en langer leven.

De orthomoleculaire geneeskunde is een geneeskunde die zich richt op optimale gezondheid en wordt daardoor veel bij sporters en levensgenieters toegepast. Het gekke is dat we het heel gewoon vinden dat een sporter extra voedingssupplementen neemt, maar als je ziek bent zou je volgens veel reguliere artsen niets extra’s nodig hebben. Wij zien vechten tegen een ziekte als chronische vermoeidheid, kanker of reuma als een soort topsport.

Het is dan misschien niet leuk om allerlei pillen in te nemen, maar minder kans op diverse aandoeningen  heeft toch zeker voordelen. Er zijn vele aanwijzingen dat extra inname van vitaminen, mineralen, aminozuren, essentiele suikers en kruiden nuttig kan zijn. Het standpunt van de overheid dat onze normale voeding alle bouwstenen voor de gezondheid in voldoende mate bevat, is inmiddels onweerlegbaar als onjuist aangetoond (zie het rapport van de Stichting Orthomoleculaire Educatie van april 1995, uitgebracht aan het ministerie van VWS).

Home